Nieuws pluimveehouderij

arbocatalogus

think egg

kipkiplekker

logo_bmee

NOP

Tips voor algemene hygiënemaatregelen

23-9-2010 11:06:27 

schoonloopmat2Vanwege de voortdurende ontdekking vano.a. samonella gallinarum besmettingen is het van belang  dat alle pluimveehouders rondom het besmette bedrijf maar ook alle bezoekers van pluimveebedrijven in het gebied een strikte bedrijfshygiene aanhouden. Richtlijnen daarvoor treft u hierbij aan.

ALGEMENE HYGIËNEMAATREGELEN

 

  1. Bedrijfsterrein vrij van ongedierte houden. Laat een daarin gespecialiseerd bedrijf een intensief ongediertebestrijdingsprogramma uitvoeren, met name gericht op de wering en bestrijding van muizen en ratten, of het bestaande bestrijdingsprogramma intensiveren. Daarnaast dient de stal vrij van bloedluis te zijn vooraleer nieuwe dieren opgezet worden. Om vogels buiten de stal te houden: luchtinlaat- en uitlaatopeningen controleren en eventueel nieuw gaas aanbrengen.
  2. Houd geen ander gevogelte op het bedrijf (bijvoorbeeld duiven, eenden, ganzen of siervogels). Deze kunnen dragers zijn van pathogene micro-organismen.
  3. Het binnen de grenzen van het bedrijfsgebied toelaten van personen, dieren en voorwerpen is altijd een risico voor de ondernemer en dient tot een minimum beperkt te worden. Toegang tot de stallen moet zo mogelijk nog sterker beperkt worden. Laat behalve de verzorger(-s) niemand in de stallen toe, tenzij dit strikt noodzakelijk is. Houd staldeuren op slot en haal de sleutel uit het slot. Ideaal is een goede afrastering rond de bedrijfsgebouwen, een afgesloten toegang met bel en een parkeerplaats buiten het hek. Eventueel kan voor nood een lint of ketting goede diensten bewijzen.
  4. Zorg ervoor dat de verzorger(-s) / noodzakelijke bezoeker(-s) het bedrijfsgebied niet betreden voordat de noodzakelijke hygiënische maatregelen zijn getroffen. Hiertoe dient een speciaal daarvoor ingerichte ruimte aanwezig te zijn. Deze ruimte dient aan te sluiten op de omheining en een zichtbare scheiding te vormen tussen het bedrijfsgebied en de buitenwereld. Een douchegelegenheid in deze ruimte is sterk aan te raden. Betreden van het bedrijfsgebied is slechts toegestaan in bedrijfsoverall en bedrijfsschoeisel (laarzen) en na minimaal de handen gewassen te hebben en liefst gedoucht. Bedenk dat stof (bijvoorbeeld in de haren van uw bezoekers) en mest ideale transportmedia zijn voor de bacterie.
  5. Voorzie bedrijfskleding en -schoeisel per stal. Voor schoeiselontsmetting wordt 2% natronloog of een 2% oplossing van een ander geschikt desinfectiemiddel gebruikt. Door verontreiniging met mest en strooisel gaat de werkzaamheid van een ontsmettingsmiddel achteruit. Daarom dienen de oplossingen regelmatig vervangen te worden.
  6. Chauffeurs van vrachtwagens (voer, eieren of mest) nooit toelaten in de stal en wegwerpoverall en bedrijfseigen schoeisel laten gebruiken. Geef de mogelijkheid om een ontsmetting uit te voeren.
  7. Eiercontainers in de deur aangeven, tenzij de eierbewaarplaats los staat van de stal. Lege containers die aangevoerd worden opnieuw ontsmetten voordat ze gebruikt worden. Accepteer geen vuile eiertrays.
  8. Huisverkoop van pluimveeproducten dient plaats te vinden buiten de afrastering van de bedrijfsgebouwen.
  9. Overleg met de buren over het uitrijden van mest op belendende percelen. Bij voorkeur geen pluimveemest van onbekende herkomst. Zorg er in ieder geval voor dat gedurende het uitrijden en het onderwerken geen dieren buitenlopen.
  10. Mestcontainers kunnen bevuild zijn met mest en bloedluis. Beide kunnen drager zijn van de SG-bacterie. Eis dat containers schoon op het bedrijf geleverd worden en reinig en desinfecteer ze zelf nogmaals.
  11. Alle SG besmette bedrijven hebben verhoogde uitval en daardoor contact met de Rendac. Uw kadavertonnen hebben ook contact met de Rendac en vormen daardoor een mogelijke bron van besmetting voor uw bedrijf. Desinfecteer de tonnen dan ook voordat u ze weer op uw terrein brengt.